Morning Glory


Ik word, sinds ik ben gestopt met drinken, niet vaak meer uitgenodigd voor feestjes. Logisch ook. Ik kom meestal niet. Wel kreeg ik onlangs een uitnodiging voor een nieuw soort feest: Morning Glory. Een alcohol-loosfeest in de ochtend. Het schijnt een rage te zijn in America. Voordat je naar kantoor rent, je uitleven op harde bass muziek. Het Parool kopte; Nuchter uit je dak in de ochtendgloren. Het zou mij benieuwen. Op Facebook klikte ik op ‘Deelnemen’.

Met slaperige Panda ogen, en kleren die ik toevallig op de grond vond, stapte ik om half acht ’s ochtends mijn deur uit. Om uit te gaan. Het voelde een beetje aan als een jetlag. Maar dan anders.

Een half uur later liep ik de club binnen van het Volkshotel. Ik was niet opgemaakt, had geen hoge hakken aan en had ook geen hoge pet op. Wie vind nuchter feesten nou leuk? Een verkeerde observatie. De dansvloer stond stampen vol. Een overvolle club met springende en swingende jonge mensen. Nuchter. Helemaal nuchter.

Terwijl er een harde beat uit de boxen knalt staar ik met open mond naar de hossende menigte. ‘Hebben ze doorgehaald, ofzo?’, schreeuw ik in de oor van mijn net zo verbaasde vriendin. Ze antwoord niet. Ze lijkt ook een beetje in shock.

Ik vind mezelf snel een weg naar de bar (een oude gewoonte). Ik kijk naar een jongen met een roze stretch legging en een zwemband om zijn middel. Hij gaat helemaal  los. Ik probeer sporen te zoeken van drank of drugssymptomen. Wijde pupillen? knarsende tanden? Draaiende ogen? Dubbele tong? Niets. Helemaal niets. Deze knakker is broodnuchter. Alles lijkt bij hem in orde. Behalve die zwemband. Die zwemband verraad zijn karakter. De ik-doe-eens-lekker-gek generatie. Ook wel de hipsters genoemd.
Moet ik nu ook gaan dansen? Benauwd bestel ik een koffie. Met een kartonnen bekertje in mijn hand loop ik automatisch door naar de rookruimte (ook een oude gewoonte). Ik moet het even laten bezinken.

Hier stond ik ook twee jaar geleden. Waarschijnlijk wel doorgehaald. En wel met grote pupillen. En niet met een smoothie, maar met een groot glas wodka. En waarschijnlijk ook een zwemband.

Dit feest is voor mij een cultuurshock. Ik merk dat mijn lichaam reageert op de muziek, maar mijn hoofd snapt het niet. ‘Kom we gaan dansen’, stelt mijn vriendin voor. Angstig druk ik mijn peuk uit. Ik moet eraan geloven. Ik wil geen partypooper zijn.
De eerste pasjes gaan stroef. Ik proef de koffie smaak in mijn mond. Het klopt niet. Het klopt gewoon niet. Ik maak een paar draaitjes en ik probeer me te concentreren op de muziek. Boem. Boem. Boem. Ik kom niet in mood.

‘Ik ga even zitten hoor’, zeg ik tegen mijn dansende vriendin. Ze knikt en kijkt een beetje wanhopig om haar heen. Ik zie haar denken: Moet ik nu alleen dansen?
Zittend op de leuning van de bank kijk ik naar de jubelende menigte. Ik neem nog een slokje van mijn koffie. Ik voel me een oud wijf.

Misschien ben ik, nuchter, helemaal geen Party Queen. Geen danseres. Geen feest-opgang-brenger. Geen aandachtstrekker. Al heeft de wodka mij dat wel altijd doen denken. Sterker nog: ik stond erom bekend. Waar Loïs was, was er feest. Met wijn en wodka stond ik het liefst op de bar. Maar met een kopje koffie zit ik het liefste aan de kant. Ik voel me nog niet echt comfortabel in deze nieuwe identiteit. Alsof ik een mooie bontjas draag, maar niet achter het doden van dieren sta. Het voelt dubbel. Mooi, maar dubbel.

‘Weet je wat ik vind’, zeg ik bedenkelijk tegen mijn vriendin die naast me is komen zitten. ‘Nou’, zegt ze. ‘Doe eens lekker normaal. Neem een lekker wodkaatje en stel je niet zo aan. Dat denk ik’, vervolg ik. Mijn vriendin kijkt me met grote ogen aan.

‘Ik vind het ook een vreemde gedachte’, ga ik verder, ‘maar dat is wat ik denk’. Tevreden spring ik op van de leren bank. ‘Nog een kopje koffie?’.

Het is inderdaad een rare gedachte voor een ex-alcoholiste. Of misschien was ik daarom alcoholiste. Misschien bén ik daarom alcoholiste.

Loïs Bisschop

Laat commentaar achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *