First Shot 2


‘Ik heb geen idee hoe ik moet beginnen. Ik moet namelijk wel meteen met iets goeds komen. Dat wordt van me verwacht en ik kan zo slecht tegen verwachtingen. Waarom denk je dat ik alcoholist ben geworden?’. 

Zo begint mijn boek Ik ben Loïs en ik drink niet meer .

Zo begint mijn blog.


Op jonge leeftijd was ik al zeer gecharmeerd van de effecten van alcohol. Ik was een onstuitbare puber met een rebels karakter. Met mijn grote dosis angsten, onzekerheden en een onstabiele jeugd lonkten het Amsterdamse uitgaansleven al op jonge leeftijd. Het begon met een gezellig wijntje na het werk, een biertje in de zon, een aperitiefje bij het eten. Maar mijn hongerige dorst nam, door de jaren heen, steeds grotere vormen aan. Op het laatst dronk ik gemiddeld twee flessen wijn op een avond. En dat was dan, voor mij, een hoeveelheid om trots op te zijn.

Het leek de normaalste zaak van de wereld. Iedereen dronk toch? Ik had echter ook geen tijd om over mijn levensstijl na te denken. Ik was alleen maar bezig om voor mijn verslaving te zorgen. Net als huisdieren hebben katers veel toewijding en liefde nodig. En ik gaf dat maar al te graag. Niet doorhebbende dat ik langzaam kapot ging. Want ik was verliefd. Dronken van verliefdheid op Mr. Alcohol. En zijn wortels zaten verstrengeld in alle facetten van mijn leven. Hij zei vaak tegen mij dat ik niet zonder hem kon. Dat ik hem nodig had. En ik, mijn eigenwaarde, kon putten uit zijn bron. Ik geloofde hem. Met hart en lever.


Mijn geloof, in mijn ware liefde, begon echter te wankelen. Net als ikzelf. In de laatste maanden kon ik niet meer in de spiegel kijken, mijn handen trilde, mijn geheugen was een gatenkaas, mijn huid was rood, mijn ogen waren 24/7 gezwollen, mijn lichaam was verre van in shape, mijn échte vrienden raakte ik kwijt, mijn studie ging bergafwaarts, mijn relatie ging kapot, mijn familie sprak ik niet meer, mijn huis was een afterparty-plek geworden, mijn balans was naar de klote, mijn ontbijt bestond uit Turkse Pizza’s, mijn zonnebril was mijn alles en mijn wijnglas bleef ik maar volschenken.

Hier kwam abrupt een einde aan in de zomer van 2013. Met een gigantische kater liep ik op straat. Ik was boos op mezelf. Razend. Waarom kon ik niet met mate drinken? Waarom werd ik altijd dronken? Waarom kreeg ik altijd black outs? Waarom wilde ik nu alweer drinken, het was twee uur in de middag? Deze vragen drongen, als bekend riedeltje, door mijn hoofd. Midden op straat bleef ik ineens staan.  Mijn benen wilde niet meer en mijn blik werd troebel. Ik zoemde, als het ware, even uit mijn leven. Een soort negatief kodak-momentje.

Daar, midden op de Wibautsraat, kreeg ik antwoord op al mijn vragen. Omdat ik een alcoholprobleem heb. Omdat ik een fucking alcoholprobleem heb. Deze zin knalde zo hard binnen, harder dan de bas op Awakenings, dat ik me letterlijk moest vasthouden aan een lantaarnpaal. Het voelde als een opluchting. Als een bevrijding. Ik begreep ineens waarom ik al die dingen níet kon. De euforie zakte als snel weg. Ik wist namelijk wat mij te doen stond; Stoppen met drinken.


Ik wilde niet opgenomen worden, ik wilde niet naar de AA, ik wilde niet naar het Jellinek. Ik wilde gewoon nuchter worden. Of eigenlijk. Ik moést gewoon nuchter worden. Met pijn in mijn hart, tranen over mijn wangen en snot uit mijn neus, spoelde ik thuis het laatste restje witte wijn door de wc. Niet wetende wat mij allemaal te wachten stond.

Ik startte een eigen project. Ik noemde het Chardonee-en. Mijn muur verfde ik fel roze. Het leek op een roze gevangenis. Ik voelde me bevrijd, maar ook gevangen. Want de drang naar drinken was zo groot, maar de drang naar nuchter worden ook. Ik had de eerste weken het gevoel alsof ik op een weegschaal stond. Van Chardonnay Town en Sobercity.  Het was een intens innerlijk gevecht. Maar Sobercity moest winnen. Maar hoe?


Ik ging mezelf elke dag filmen met mijn Iphone. Uren zat ik jankend, vloekend en verteerd van liefdesverdriet te lullen tegen mijn gebroken Iphone. Ik zette mijn Facebook op non-actief. Verwijderde al mijn Party-Pics. Brak met verkeerde vrienden. Dronk liters groene thee. Ik ging sporten voor mijn lever. En het allerbelangrijkste; ik ging weer schrijven. Zo krabbelde ik letterlijk op. Ik kan me nog herinneren dat ik, de eerste dag nuchter, een zin opschreef; Ik wil mijn leven terug! Daaronder maakte ik een tekeningetje van een hoge hak die een wijnglas kapot trapte. Ik wilde namelijk afkicken, naar wel in stijl. En op mijn eigen manier.

Het werd me namelijk al snel duidelijk dat een alcoholprobleem niet echt classy was. En al helemaal niet voor een jonge vrouw. Alle informatie die ik erover kon vinden vond ik ouderwets gezwets. Alle boeken die ik las idem dito. Alle alcoholistige mensen die ik sprak, wilde er niet over praten. En alle bijeenkomsten waren anoniem. Moest ik mij schamen voor mijn alcoholprobleem? Hoe kut ik dit ook vond, ik zag een kans. Een kans om een alcoholverslaving uit de taboe zweren te lullen. Een kans, om als jonge vrouw, uit de kast te komen. Een kans om het stoffige laagje, rondom een alcoholverslaving, eraf te blazen. Ik flikkerde letterlijk de drinkschema’s van het Jellinek in de prullenbak en ontwierp mijn eigen lijstjes. Dagenlang zat ik achter mijn computer te schrijven. Mijn eigen afkickmethodes te ontwerpen. Want waarom zou ik naar een ander luisteren in plaats van naar mezelf? Ik had al te lang naar het wodka-stemmetje geluisterd. Ik had al te lang mijn eigenwaarde verzopen. Ik had al te lang niet naar mezelf geluisterd. Het was tijd om mijn innerlijke leidraad te volgen. Het was bloed, zweet en groene thee, maar ik had een manier gevonden om nuchter te blijven.


Er ging een nieuwe wereld voor mij open. Een wereld waarin ik van de ene verbazing in de andere viel. Naast de innerlijke strijd deed zich ook een maatschappelijk dilemma voor. Want er kleeft een heel lastig randje aan een alcoholverslaving; Het is gewoon heel raar als je niet drinkt. Mensen vonden mij ‘normaler’ toen ik nog tussen de barkrukken lag. Hoe bezopen is dat?

Tussen alle perikelen door moest ik ook nog afstuderen. Als afstudeerproject maakte ik een documentaire over mijn afkickperiode. Dit verscheen in de Folia, een studententijdschrift van de HvA. De voorpagina tekst kopte; “Loïs (29) was elke dag dronken“. Niet veel later kreeg ik een telefoontje van mijn huidige uitgever Unieboek Spectrum. “Wij willen je boek uitgeven. Heb je interesse?”.

In Ik ben Lois en ik drink niet meer heb ik mijzelf helemaal blootgegeven. Ik beschrijf al mijn opmerkelijke inzichten, anekdotes, hersenspinsels, dieptepunten, hoogtepunten, twijfels, kamillethee frustraties, mijn nieuwe liefde en zelfs mijn kleine terugval, van het eerste jaar nuchter zijn.


Het schrijven heeft mij geholpen in mijn eigen acceptatieproces, maar bovenal mijn geest aangewakkerd. Want waarom is alcohol zo geaccepteerd, maar wordt een alcoholvrij-leven zo verworpen? Ik ben ervan overtuigd dat dit een misvatting is. Ik ben ervan overtuigd dat een nuchter leven ook bruisend kan zijn. Ik ben ervan overtuigd dat het mogelijk is. Dus mijn zoektocht gaat hier verder.

Mijn nuchtere zoektocht naar een leuk leven in het hartje van Amsterdam. Mijn Sober City.

Loïs Bisschop


Laat commentaar achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

2 Gedachten over “First Shot